SAMENGESTELD DOOR
HENK BACKER
0.
(verschijnt binnenkort)
6.
Beeldbewerking in Photoshop
12.
Productbesprekingen
1.
Inleiding
7.
Lesbrieven
13.
Externe sites
2.
Kleurbeheer
8.
Photoshop Tips
14.
 
3.
Workflow Adobe Lightroom
9.
Een toelichting op ....
15.
Trefwoorden
4.
Hoe beginnen met Lightroom 4?
10.
Esthetica en fotografie
16.
Woordenlijst
5.
Workflow DxO en Lightroom
11.
Insteekmodules (plugins)
17.
Colofon en contact

Zoeken op trefwoord:
2-01-2006

 

AFDRUKKEN MET KLEURBEHEER IN ADOBE PHOTOSHOP CS2

Vertaling van "Print with Colour Management", geschreven door Ian Lyons op zijn website
Computer-Darkroom
(www.computer-darkroom.com)

PDF-bestand downloaden

Iemand heeft eens gezegd: Je hoeft geen expert in kleurbeheer te zijn om vanuit Photoshop af te drukken, maar het komt wel van pas".
Waarschijnlijk hebben de technici en de interface goeroes bij Adobe het zelfde artikel gelezen want ze hebben de afdrukroutines in Photoshop CS2 behoorlijk onder handen genomen. In deze lesbrief zal ik de veranderingen in detail bespreken zodat je na het lezen ook een expert in zult zijn in Photoshop afdruk kleurbeheer.

Allereerst wil ik echter twee onderwerpen aan de orde stellen die nogal eens voor verwarring zorgen.

  • Desktop inkjet printers van Epson, Canon, Hewlett Packard en anderen kunnen CMYK gebruiken of CcMmYK inktkleuren, dat maakt ze nog niet tot CMYK printers. De reden waarom ik dit punt benadruk is dat de drivers die bij deze producten worden geleverd niet zijn ontworpen om CMYK gegevens te interpreteren. Elke poging om een CMYK afdruk rechtstreeks uit een desktop inkjet printer te produceren leidt tot teleurstelling.
  • Een afbeelding op een bepaald computer beeldscherm kan niet exact in druk worden gereproduceerd. We kunnen het computerbeeld heel behoorlijk benaderen maar het wordt zelden of nooit exact gelijk.

Hoewel de afbeeldingen in deze lesbrief zijn gebaseerd op de Mac OSX versie van Photoshop, zijn ze voldoende duidelijk voor de gebruikers van Windows 2000 of XP. Desondanks zijn de beelden van de printerdriver specifiek voor OS en daarom heb ik de aanwijzingen voor Mac en Windows apart opgenomen. De aanwijzingen en afbeeldingen zijn afkomstig van de Epson Stylus Photo R2400, maar zijn uitwisselbaar met de meeste andere huidige Epson modellen.

Een inkjet afdruk maken

Zoals gezegd heeft Adobe enige zeer veelbetekenende veranderingen in het "Print with Preview" dialoogvenster aangebracht hoewel ik bang ben dat deze veranderingen mogelijk zelfs tot meer verwarring zullen leiden dat de vorige pogingen om het afdrukken vanuit Photoshop te vereenvoudigen.
Photoshop CS2 heeft vijf Print menu opties: Page Setup, Print, Print with Preview, Print One Copy en Print Online. Het is goed om te weten dat de optie Print uitsluitend de systeem afdrukfunctie opent, hetgeen betekent dat geen enkele Photoshop kleurbeheer instelling beschikbaar is. Dit om misverstand te voorkomen. Deze lesbrief zal zich beperken tot Print with Preview, de plaats waar zich sinds Photoshop 7 de printerkleurinstellingen bevinden. Het Print with Preview menu kan alleen worden geopend als er een afbeelding in het Photoshop bureaublad is geopend.


Figuur 1 Photoshop CS2 Print with Preview

Gebruikers van eerdere Photoshop versies zullen onmiddellijk zien dat we nu de beschikking hebben over een meer uitgebreide en nogal verschillende lijst met opties. Color Management is nu als standaard ingesteld, alhoewel je het nog wel kunt wijzigen (niet aanbevolen). Om zaken eenvoudig te houden zullen we ons beperken tot de instellingen die in het door rood gemarkeerde gebied staan. De betekenis van iedere optie zal worden uitgelegd waardoor hopelijk een beter begrip wordt gekweekt waarom sommige combinaties wel en andere niet werken.

Print:
Document: laat het ICC profiel zien, dat is ingebed of toegevoegd aan het document dat moet worden afgedrukt. In het voorbeeld van Figuur 1 staat ProPhoto RGB maar het kan ook elk ander door de gebruiker gespecificeerd alternatief zijn (b.v. sRGB, Adobe RGB (1998), ColorMatch). Als de afbeelding reeds is omgezet (met het Photoshop Convert commando) naar een printer profiel, dan zal dat hier worden weergegeven. Het is daarom goed om even na te gaan of de afbeelding soms per ongeluk al is omgezet.
Proof: dit veld laat gewoonlijk (Profile: N/A) zien. Als eenmaal dit onderdeel is geactiveerd door in het rondje te klikken zal het Photoshop de afbeelding laten omzetten van de oorspronkelijke Workspace naar het gewenste profiel dat tussen haakjes staat. Dat gewenste profiel kan alleen worden ingesteld in het Proof Setup dialoog onder het menu View in Photoshop. Deze optie is eigenlijk alleen nodig als je van plan bent om Hard Proofs of Match Prints te maken (dat betekent het proberen om met een andere printer of een drukpers te wedijveren) en daarom zal ik deze routine verder buiten beschouwing laten.

Options:
Color Handling:
dit is het nieuwe pop-up menu van waaruit je de gewenste manier van kleurbeheer tijdens het afdrukken kunt kiezen. Door deze benadering heeft Adobe de werkroutine gescheiden van de keuze van afdrukmedium. In theorie zou dit ons leven eenvoudiger moeten maken, maar alleen in het verloop van dit betoog zal blijken of dat ook zo is. Er zijn vier keuzemogelijkheden: Let Printer Determine Colors (Laat de printer de kleuren bepalen), Let Photoshop Determine Colors (Laat Photoshop de kleuren bepalen), Separations (Scheidingen), No Color Management (Geen Kleurbeheer). Elke keuze heeft eigen vaste instellingen in het Print with Preview dialoog waardoor verkeerde instellingen kunnen worden vermeden.
Printer Profile: zoals de naam al zegt kan hier het printerprofiel worden gekozen voor de combinatie printer/afdrukmedium. Deze pop-up is alleen actief als gekozen is voor Let Photoshop Determine Colors.
Rendering Intent en Black Point Compensation: (Weergave methode en zwartpunt compensatie) afhankelijk van de gemaakte keuzes zal één instelling of allebei uitgeschakeld (grijs) zijn.
Proof Setup Preset: deze mogelijkheid is standaard uitgeschakeld en is alleen actie als het rondje bij Proof is aangeklikt. Zoals eerder opgemerkt is dit alleen van belang bij andere printer of bij drukpersen.
Description: deze toevoeging is zinvol omdat er een stukje uitleg wordt gegeven over de verschillende keuzemogelijkheden. De desbetreffende beschrijving wordt zichtbaar als je met de muiscursor over de keuzemogelijkheden beweegt.

Alles over Workflow (werkmethodes)

Er zijn vier verschillende werkmethodes binnen de Color Handling pop-up. We zullen er drie behandelen; de vierde (Separations) laten we over aan anderen.

Afdrukmethode 1

De standaard configuratie voor het Print with Preview dialoogvenster is als Figuur 2 hieronder. Color Handling staat op Let Printer Determine Colors. Voor deze lesbrief zullen we dit Afdrukmethode 1 noemen.
Als je onlangs van een eerdere versie bent overgestapt naar Photoshop CS2, dan is Let Printer Determine Colors het equivalent van Printer Color Management in Photoshop 7 en CS. Dit is waarschijnlijk de gemakkelijkste en meest veilige keuze voor nieuwe Photoshop gebruikers of voor hen die nog niet vertrouwd zijn met de integratie van printer ICC profielen in de afdrukmethode.
Als je kiest voor Let Printer Determine Colors zeg je tegen Photoshop dat de afbeelding direct naar de printer wordt gezonden samen met de details van het printerprofiel dat bij Document staat. Photoshop maakt geen aanpassingen in de afbeeldingkleuren en houdt evenmin rekening met specificaties van het papier in de printerdriver. Door ICC profiel aan het document te hangen geeft Photoshop de printer alle informatie die nodig is voor een juiste kleurweergave. Het kleurbeheer wordt uitsluitend door de printer behandeld.

Tip: Afhankelijk van het printermodel is het mogelijk dat Rendering Intent niet actief is en zelfs als het wel actief is kan het toch zijn de printer driver je keuze zal negeren en Perceptual zal gebruiken. Trek je hier echter niets van aan.

Figuur 2 - Afdrukmethode 1

Afdrukmethode 2

Deze methode is echt bedoeld voor de gevorderde en veeleisende Photoshop gebruiker die volledig het beheer wil houden over hoe zijn afbeeldingen in druk worden weergegeven. Met de keuze in Color Handling als Let Photoshop Determine Colors ben je in staat om te kiezen voor specifieke ICC profielen, de weergave methode en of zwart punt wel of niet moet worden gebruikt. In eerdere versies van Photoshop was geen direct equivalent voor deze keuze beschikbaar.
In deze keuze krijg je direct toegang tot de Printer Profile pop-up. Als standaardinstelling geeft dit veld de het profiel van de RGB werkruimte weer zoals dat is ingesteld in Photoshop Color Settings, maar je zult dit maar zelden zo willen laten. Het is belangrijk dat de uiteindelijke keuze in Printer Profile aansluit bij de printer en het papier dat je gebruikt omdat anders afdrukken van slechte kwaliteit het gevolg zullen zijn. Je krijgt de beste kwaliteit als je een papier profiel gebruikt dat speciaal voor jouw printer is gemaakt. Zo'n profiel kan zelf worden gemaakt met speciale software/hardware of worden gekocht bij derden.

Tip: Vele Epson printer worden nu geleverd met een complete serie ICC papierprofielen, hoewel je bij sommige modellen de PIM-driver moet installeren voordat de profielen beschikbaar zijn.

Figuur 3 - Afdrukmethode 2

Als eenmaal een Printer profiel is geselecteerd zijn zowel Rendering Intent als Black Point Compensation (BPC) geactiveerd. Over het algemeen zul je Perceptual of Relative Colorimetric gebruiken en BPC aangevinkt. Toch willen we niet onvermeld laten dat bij de nieuwere printers van Epson ( b.v. 2100, 2200, R800) Relative Colorimetric een aangenamere afdruk zal opleveren.

Tip: Het is van belang te vermelden dat in deze afdrukmethode alle kleurbeheer in de printer driver moet zijn uitgeschakeld. Vaak wordt deze afdrukmethode aangegeven als de NCA methode (No Color Adjustment), maar zoals we later zullen zien heeft Epson veranderingen aangebracht die de term NCA overbodig maken.

Afdrukmethode 3

De laatste keuze is No Color Management wat in de eerste plaats is bedoeld voor Photoshop gebruikers die aangepaste ICC profielen maken of veelkleurige targetkaarten maken voor anderen om profielen voor hen te maken. Gebruik de methode niet voor normale druktaken. No Color Management is de equivalent voor Same As Source in Photoshop 7 en CS. Met deze instelling geeft Photoshop de afbeelding rechtstreeks door aan de printer zonder enige kleuraanpassingen of omzettingen toe te passen. Er is geen kleurprofiel in de afbeelding ingebed waardoor Photoshop wordt gezegd geen kleurbeheer toe te passen.

Figuur 4 - Afdrukmethode 3

Als uiteindelijk het Print with Preview dialoogvenster naar je eigen voorkeuren is ingesteld wordt het tijd om de Print knop in te drukken.

Tip: Als je de Alt/Option toets indrukt zul je merken dat de Done toets verandert in Remember. Door van deze wijziging gebruik te maken kun je de Print with Preview instellingen voor toekomstig gebruik vastleggen.

Epson stuurprogramma (driver) instellingen bij Mac OS X


De eerste paragrafen van dit hoofdstuk zijn voor alle drie de Afdrukmethodes hetzelfde. Als je Print toets indrukt verschijnt het Systeem Print dialoogvenster als getoond in figuur 5. Het Print dialoogvenster is eigenlijk behoorlijk ingewikkeld voor wat betreft de menuopties die beter in Photoshop zouden thuishoren en daarom maar beter kunnen worden vermeden. Vooral de opties Layou, Scheduler, Paper Handling, ColorSync en Cover Page heb je niet nodig. Het kan niet nadrukkelijk genoeg worden gezekgd, dat je uitsluitend de instellingen in de printerdriver gebruikt, die hieronder worden beschreven en dan nog alleen in de volgorde zoals beschreven omdat anders de kans groot is dat één van de instellingen naar de standaard Epson instelling terugkeert.

Figuur 5 - Systeem Print dialoog

Kies in het Keuzemenu voor Copies and Pages (in figuur 5 mat een rode ster gemerkt). Kies voor Print Settings uit de lijst met opties. Als het Printer Settings paneel verschijnt kies dan voor het te gebruiken afdrukmedium (Media - 1). Klies vervolgens voor Advanced (2).

Figuur 6 - Epson Printer Dialoog (Hoofdvenster)

Selecteer Best Photo of Photo RPM voor de beste afdrukkwaliteit (Print Quality - 3) die overeenkomt met de gewenste combinatie printer/medium. Voor de beste afdrukkwaliteit moet High Speed (4) worden uitgeschakeld.
Ga nu naar boven naar het keuzemenu Print Settings (5) en kies Color Management. Het vervolg van deze handleiding bestaat uit twee gedeelten, de eerste behandelt Afdrukmethode 1 en het tweede deel behandelt Afdrukmethodes 2 en 3.

Afdrukmethode 1 (vervolg)

Bij Color Management (Kleurbeheer) hebben we de keuze uit drie mogelijkheden - keuzerondjes: Color Controls, ColorSync en OFF (geen kleuraanpassing).

Figuur 7 - Epson Printerdriver: Afdrukmethode 1

De eerste twee opties - en voor deze afdrukmethode zijn we alleen geïnteresseerd in deze twee - zijn ontwikkeld om het proces van printer kleurbeheer te automatiseren en je hebt de keuze uit Color Controls of ColorSync (6). Het is beter om ColorSync te vermijden omdat de ervaring leert dat het bij sommige printers tot onbevredigende kleuren leidt. Eigenlijk is Color Control altijd de beste optie voor beginnende gebruikers. Denk er goed aan dat de Photoshop Print with Preview dialoog moet zijn ingesteld zoals aangegeven in Afdrukmethode 1 wanneer deze printerinstelling is geselecteerd.
Met de nieuwste Epson drivers zoals bij de Stylus Photo R800, R1800 en R2400 verschijnen onder Mode drie mogelijkheden als onder (6) voor Color Controls is gekozen. Kies hiervan Epson Standard of Epson Vivid. Laat Gamma op 1.8 staan, tenzij je een goede reden hebt om iets anders te kiezen.

Afdrukmethodes 2 en 3 (vervolg)

De derde instelling voor Color Management is Off (Geen kleurbeheer) (6a) en is ALLEEN geschikt als je in Photoshop ICC profielen voor afdrukmedia gebruikt of targetkaarten afdrukt voor het maken van ICC profielen voor media. Met andere woorden je mag deze keuze alleen gebruiken als je in Photoshop Print with Preview hebt gekozen voor Afdrukmethode 2 of Afdrukmethode 3. Deze instelling is veruit de beste voor gevorderde Photoshop gebruikers. Als je van mening bent dat je afdrukken te licht zijn en een magenta-achtig uiterlijk hebben heb je hoogst waarschijnlijk een verkeerde instelling gekozen of je hebt bij het kiezen van de instellingen een volgorde gebruikt. die afwijkt van degene welke hiervoor is beschreven.
In figuur 8 kun je zien dat de pop-up vensters Mode, Gamma en kleurschuiven zijn verdwenen uit het printdialoog venster; dit hoort zo, raak er dus niet door in verwarring.

Figuur 8 - Epson Print Driver: Afdrukmethodes 2 en 3

Als je eenmaal de driver hebt ingesteld voor het afdrukmedium van je voorkeur, afdrukkwaliteit en kleurbeheer instellingen dan kun je ze het beste opslaan voor toekomstig gebruik. Dit kan door Presets (7) te openen en te kiezen voor Save As. Zorg er echter wel voor dat je een zinvolle bestandsnaam kiest. Bij de volgende afdruk kun je eenvoudigweg dit afdrukmedium kiezen uit de lijst van Presets. In het voorbeeld in figuur 9 kun je zien dat er instellingen zijn opgeslagen voor Epson Enhanced Matte en Epson Semi Gloss.

Figuur 9 - Instellingen opslaan als Presets.

Epson stuurprogramma (driver) instellingen bij Windows XP en 2000

Zoals bij Max OS X zijn de beginparagrafen van toepassing op alle beschreven afdrukmethodes. Als je de Print knop activeert - rechtsboven in het Print with Preview dialoog - verschijnt het Systeem Print dialoogvenster zoals in figuur 10.

Figuur 10 - Windows "Systeem" Print dialoog

Kies voor Eigenschappen (Properties), waarop het driver dialoogvenster (figuur 11) verschijnt. Selecteer het te gebruiken afdrukmedium (1). Kies vervolgens voor Photo of Best Photo (2) bij Quality Option en dan voor Geavanceerd (Advanced) (3)

Figuur 11 - Epson Basis Printer Dialoogvenster (Hoofdvenster)

Afdrukmethode 1 (vervolg)

Voor Color Management (5) hebben we een aantal opties, waarvan een deel alleen maar verwarring zaait en onnodig is. We laten Advanced B&W buiten beschouwing omdat deze optie alleen beschikbaar is op de Epson Stylus Photo R2400.
In het volgende dialoogvenster (figuur 12) maken we de belangrijkste keuzes. Schakel High Speed (4) uit.

Figuur 12 - Epson Printer Driver: Afdrukmethode 1

De eerste twee Color Management opties zijn ontworpen om het kleurbeheer van de printer te automatiseren en je hebt de keuze uit Color Controls en Photo Enhance. Goede opties voor beginnende Photoshopgebruikers maar je kunt Phot Enhance beter vermijden omdat het extra bewerkingen en verscherping toepast en dat kan tot ongewenste resultaten leiden. Het verdient aanbeveling om alleen Epson Standard of Vivid als Color Mode (6) te selecteren. Kies je hiervoor dan moet Print with Preview zijn ingesteld zoals beschreven in Afdrukmethode 1. Verander de instelling van Gamma = 1.8 liever niet, tenzij je daarvoor een goede reden hebt.

Figuur 13 - Epson Printer Driver: Afdrukmethode 1 (ICM Modus)

Als je kiest voor ICM (5a) (zie figuur 13 hierboven) krijg je toegang tot het interne Epson printer kleurbeheersysteem (dat wil zeggen toegepast door printer software) en de Off modus (geen kleuraanpassing). De Off modus is niet verenigbaar met Afdrukmethode 1 en moet niet worden gebruikt. Als de ICM modus is geselecteerd maakt de driver automatisch gebruik van de Epson media profielen maar doet dat zodanig dat de profielen in Potoshop moeten worden uitgeschakeld omdat je anders dubbele toepassing van profielen zou krijgen en de afdrukken zijn afschuwelijk.

Afdrukmethode 2 en 3

Bekijk de instellingen in figuur 14. Kies voor de Off modus (7) als je media profielen in Photoshop hebt geactiveerd of als je target kaarten afdrukt voor het maken van nieuwe profielen. De Off modus kun je alleen gebruiken als je de Photoshop Print with Preview dialoog hebt ingesteld als aangegeven in Afdrukmethode 2 of Afdrukmethode 3. Dit is de beste instelling voor gevorderde Photoshop gebruikers. Als je van mening bent dat je afdrukken te licht zijn en een magenta-achtig uiterlijk hebben heb je hoogst waarschijnlijk een verkeerde instelling gekozen.

Figuur 14 - EpsonPrint Driver: Afdrukmethodes 2 en 3



________________________________________
Alle rechten voorbehouden © Henk Backer 2003 - 2011